Inspectie waterkeringen

PIW3.0 - Nieuwsbrief 2018-03 17 juli 2018

Data Grasdagen bekend – Schrijf je nu in

Grasdagen zijn inmiddels een begrip. Dit is alweer de derde ronde grasdagen en dit keer is er op één van deze dagen speciale aandacht voor zanddijken!

WBI2017 en grasbekleding

In het beoordelingsinstrumentarium WBI2017 staan voorschriften voor het beoordelen van de kwaliteit van de grasbekleding. De zode is gesloten, open of fragmentarisch. Je kunt dit vaststellen door visuele inspectie en het steken van een plag. Tijdens de grasdagen van STOWA gaan we aan de slag met deze beoordeling en leer je hoe je zo'n beoordeling moet uitvoeren.

Opzet grasdag
We beginnen ’s morgens met een blokje theorie. Daarna gaan we de dijk op om de kwaliteit in de praktijk vast te stellen. Dit alles onder leiding van twee deskundigen: André van Hoven (Deltares) en Cyril Liebrand (EurEco). De dag is bedoeld voor de dijkbeheerder èn voor de collega’s die de beoordeling uitvoeren. Ons advies: bezoek deze dag samen met een collega. De planning is verspreid over het najaar en de winter om zo de beoordeling van de grasmat onder de goede omstandigheden uit te voeren.

Nieuwe data
Het is mogelijk om je aan te melden voor de grasdagen via de website van de STOWA:

  • Dinsdag 30 oktober 2018 bij Drents Overijsselse Delta, thema is Zanddijken. Inschrijven
  • Donderdag 8 november 2018 bij Waterschap Rivierenland (locatie Groot-Ammers). Inschrijven

20180717 Grasplag // grasplag.jpg (69 K)

Handreiking Grasbekleding
Kijk ook op de handreiking Grasbekleding. Deze handreiking biedt waterkeringbeheerders, projectleiders en ecologen een ondersteuning bij het dagelijks werk aan de grasbekleding op waterkeringen en legt een verband tussen het WBI2017 en het dagelijks beheer.

Dier-en-dijkendag 15 januari 2019: Wat graaft daar in mijn kade? Let op gewijzigde datum.

Nieuwe datum 19 janauri 2019
De dier- en dijkendag is niet meer zoals eerder aangekondigd op 4 oktober 2018, maar is verplaatst naar dinsdag 15 januari 2019.

Alles weten over dieren op en in je waterkering
Over kreeften in waterkeringen kun je smakelijke grappen maken, maar hoe nijpend is het probleem? En welke ratten kun je in de oever aantreffen? Hoe leven die kleine gravers, wat is het risico voor de waterkering? En kunnen we echt spreken over een probleem? Welke regelgeving is er rond deze diertjes? Hoe moet ik er mee omgaan als ze in mijn kade zitten?

20180717 Kreeft // maxresdefault.jpg (43 K)

Relatie tussen dieren en dijken
Zo maar wat praktische vragen waar waterkeringbeheerders mee worstelen. Op deze dier- en dijkendag willen we onze kennis verdiepen over de relatie tussen dieren en dijken. Ontmoetingen, presentaties, workshops en met elkaar het veld in om in de praktijk te zien hoe collega’s met dieren omgaan.

Programma:
09.00 uur inloop en koffie
09.30 uur welkom en pitches
10.45 uur koffie
11.00 uur workshops
12.15 uur lunch
13.00 uur veldbezoek
15.30 uur wrap-up van de dag
16.15 uur hapje en drankje

We vragen geen vergoeding voor deelname. Wel rekenen we erop dat je na aanmelding ook werkelijk deelneemt, overmacht daargelaten. Na inschrijving ontvang je op een later tijdsstip de definitieve gegevens over de locatie e.d.

Vragen over de aanmelding kun je stellen aan Petra Angelone: stowa@stowa.nl
Ideeën voor het programma kun je aandragen aan Jaap Bronsveld: grasbekleding@stowa.nl

Dronedag – 9 november 2018

Op vrijdag 9 november 2018 vindt de Dronedag plaats. Een dag waarin de vele mogelijke toepassingen van de drones door de waterkeringbeheerder centraal zullen staan. De Dronedag vindt plaats op een zeer toepasselijke en centrale locatie: het Geofort in Herwijnen.

20180717 Drone DIjk // drone_dijk.jpg (19 K)

Momenteel wordt door verschillende personen gewerkt aan de invulling van het programma en zodra hier meer informatie over beschikbaar is, word je hiervan op de hoogte gesteld. Zorg dat je erbij bent en schrijf je alvast in.

Advies voor aanhoudende droogte grasbekleding op dijken

Als gevolg van het uitblijven van substantiële neerslag is er op dit moment sprake van serieuze droogte-stress op dijken. Dit roept vragen op bij de dijkbeheerders. Op een aantal van deze vragen wordt in Handreiking Grasbekleding antwoord gegeven door Cyril Liebrand van EUREC.

1. Wat is het grootste risico voor de grasbekleding bij extreme droogte?

Het grootste risico is het uitvallen van de grassoorten die het belangrijkste onderdeel zijn van de grasbekleding. Hierdoor kunnen grote open, erosiegevoelige plekken ontstaan waardoor in de volgende winterperiode schade kan ontstaan aan de dijken. De open plekken zijn gevoelig voor de vestiging van ongewenste plantensoorten die hun kans grijpen: bijvoorbeeld Akkerdistel, Koolzaad, Raapzaad, Jakobkruiskruid

2. Welk risico bestaat er voor de grasbekleding later dit jaar, waar moeten beheerders rekening mee houden als er later in het seizoen weer regen komt?

Zodra er weer neerslag valt zal de grasbekledig op de meeste oudere dijken zich herstellen. De kans op uitval van grassoorten is het grootst op jonge, recent ingezaaide dijken. Wanneer wordt geconstateerd dat er grotere open plekken ontstaan dienen deze in september opnieuw ingezaaid te worden. September is de beste maand voor inzaai dankzij de nog hoge bodemtemperatuur en meestal voldoende vocht.  

3. Wat valt je op aan de grasbekleding in deze extreem droge situaties? Zijn er omstandigheden of vegetatiesamenstellingen die een duidelijk groenere vegetatie opleveren?

Op veel verdroogde dijken zijn er ook gras- en kruidensoorten die nog wel groen zijn. Deze wortelen zo diep dat ze aan voldoende vocht kunnen komen om groen te kunnen blijven. Van de grassen zijn dit voornamelijk Rietzwenkgras, Kropaar en Glanshaver. Ook de expositie speelt een rol bij de verdroging: noordtaluds verdrogen aanzienlijk minder snel dan zuidtaluds. Ook lijken buitentaluds minder te leiden te hebben van uitdroging dan binnentaluds door verdamping van het buitendijks gelegen water.

4. Een aantal waterschappen is nog bezig met maaiwerkzaamheden, maar is het verstandig om op dit moment nog maaiwerk uit te voeren? Hoe bescherm je de zode het beste in deze droogte?

De grasbekleding werpt schaduw op de ondergrond waardoor deze minder sterk uitdroogt. Daarom lijkt het aan te raden de grasbekleding zolang als deze droge periode duurt niet te maaien. Een uitzondering vormt een grasbekleding die zo hoog en zwaar is dat verstikking dreigt die gepaard kan gaan met zodebederf en het ontstaan van open plekken. Indien toch gemaaid moet worden wordt aangeraden relatief hoog ( 6 tot 8 cm) te maaien zodat de planten nog enige body en fotosynthetisch vermogen hebben van waaruit ze zich snel kunnen herstellen bij neerslag.

5. Welke onderhoudsmaatregel adviseer je als er niet alleen gras en gewenste kruiden, maar ook probleemsoorten als distel en brandnetel aanwezig zijn in een perceel?

Een door de droogte verzwakte en minder dichte grasbekleding is gevoelig voor de vestiging en uitbreiding van ongewenste of probleemsoorten als Akkerdistel, Koolzaad, Raapzaad, Jakobkruiskruid, voornamelijk uit zaad maar ook door middel van wortelstokken (Akkerdistel). De vestiging en uitbreiding van deze soorten zal zich vooral in het voorjaar van het volgend jaar manifesteren. Indien nodig dient het beheer te worden afgesteld op het bestrijden of terugdringen van deze soorten

6. Waar moeten we als waterschappen over gaan nadenken als dit soort droogte vaker optreedt? Kun je iets zeggen over andere maaitijdstippen?

De door de klimaatverandering veroorzaakte langdurige droge periodes in de zomer maken het noodzakelijk bij inzaai van de dijken te kiezen voor soorten die hiertegen bestand zijn. Een grasbekleding die nu niet of minder sterk verdroogt kan hierbij als voorbeeld dienen. Daarom wordt aangeraden de dijken die nu nog niet of minder sterk verdroogd zijn te noteren, inclusief het in 2018 toegepaste beheer.

Verder lijkt het aan te raden de maaitijdstippen zodanig te kiezen dat de kans op een lange, droge periode direct na de maaibeurt klein is. Op dijken met een niet al te hoge biomassaproductie zou maaien medio mei wellicht beter zijn dan maaien vanaf medio juni. Na de maaibeurt in mei heeft de vegetatie zich in juni en juli voldoende hersteld om een droogteperiode te kunnen doorstaan.

Bij een lage biomassaproductie kan één maaibeurt volstaan, bij voorkeur in augustus of september.

Dit advies wordt opgenomen in de Handreiking grasbekleding dijken als actueel nieuws en blijvende pagina. Daarnaast wordt het advies als pdf verspreid onder het netwerk dijkbeheerders.