Inspectie waterkeringen

Handreiking Risicogestuurd Beheer en Onderhoud Waterkeringen

2018HRGBOW // handreiking_rgbo_waterkeringen.png (93 K)

Klik op bovenstaande afbeelding om de handreiking te downloaden


TOEZICHTHOUDER

Per 1 januari 2014 is de rol van toezichthouder voor de primaire waterkeringen overgedragen
van de provincie naar het Rijk, zodat de kadersteller direct het toezicht houdt op de waterkeringbeheerder.
Dit is een wijziging van de Waterwet op basis van het Bestuursakkoord Water.
In de praktijk oefent de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) namens het Rijk deze functie
uit. De ILT houdt toezicht op de periodieke beoordeling van de primaire waterkeringen en op de
wijze waarop de beheerder de Zorgplicht uitvoert. Over beide rapporteert de ILT aan de minister.

ZORGPLICHT
Binnen de Zorgplicht is geregeld dat de beheerder de wettelijke taak heeft om de primaire
kering continu en aantoonbaar aan de veiligheidseisen te laten voldoen en het noodzakelijke
beheer en onderhoud verzorgt. Om die reden inspecteert de beheerder de waterkeringen
regelmatig om te beoordelen of de fysieke toestand van de kering in overeenstemming is met
de (ontwerp)eisen. In het geval de fysieke toestand van de kering door bijvoorbeeld technische
veroudering of (storm)schade niet meer voldoet aan de (ontwerp)eisen dient de beheerder de
nodige onderhouds- en herstelmaatregelen te treffen.


WATERWET IN RELATIE TOT DE ZORGPLICHT
Op grond van de Waterwet heeft de beheerder de opdracht ervoor te zorgen dat de primaire
keringen aan de veiligheidseisen voldoen en blijven voldoen. Dit is een algemene instructie en
de beheerders hebben de beoordelingsvrijheid om te bepalen op welke wijze invulling wordt
gegeven aan deze plicht.
Voor een goede invulling van deze zogenoemde Zorgplicht, zal de waterkeringbeheerder
continu inzicht moeten hebben in de feitelijke toestand van de waterkering. Daarvoor zal onder
andere inspectie en monitoring van de waterkering nodig zijn, evenals het uitvoeren van onderhoudsmaatregelen.
De beheerder maakt voortdurend afwegingen om doelgericht en kostenefficiënt
de prestaties op peil te houden en risico’s te beheersen.


RISICOGESTUURD
In opdracht van de Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA) heeft een groep van
17 vertegenwoordigers van 11 van de 22 waterschappen en Rijkswaterstaat in zogenaamde
‘Werkplaatsen’ onderhavige Handreiking ontwikkeld.
Deze Handreiking is bedoeld om waterschappen te helpen bij het praktisch inrichten van
risicogestuurd Beheer en Onderhoud van primaire én regionale waterkeringen.
Met deze risicogestuurde aanpak hebben waterschappen naast continu inzicht in de feitelijke
toestand van de waterkering, de mogelijkheid maatregelen toe te passen die voorzien in een
meerjarig kosteneffectieve risicobeheersing. Daarmee voldoen de waterkeringen efficiënt en
toekomstvast aan de veiligheidseisen en geeft een beheerder continue aantoonbaar adequaat
invulling aan de Zorgplicht.


FAALMECHANISMEN EN FAALVORMEN
In deze Handreiking wordt onderscheid gemaakt tussen Faalmechanismen en Faalvormen.
Daar waar gesproken wordt over Faalmechanismen, worden de mechanismen bedoeld zoals
opgenomen binnen o.a. het Wettelijk Beoordelings Instrumentarium (WBI). Dit betreft de
aspecten m.b.t. Waterveiligheid van waterkeringen. Daar waar gesproken wordt over Faalvormen, wordt het falen van geambieerde functies (eisen) bedoeld welke voortvloeien uit de ambities en bedrijfswaarden van een waterschap. Dit betreft andere eisen dan Waterveiligheid en heeft betrekking op zowel Primaire als Regionale en overige waterkeringen.