Inspectie waterkeringen

PIW2.0 - Nieuwsbrief 2014-01 16 januari 2014

Kennisdag 2014: ‘Van de NOOD een DEUGD maken’

 ‘Van de nood een deugd maken’. Dit is het thema van de elfde Kennisdag Inspectie Waterkeringen en hét credo in PIW 2.0. De elfde kennisdag staat gepland op 20 maart 2014.

Tijdens de kennisdag inspireren we u door in te gaan op enkele recente gebeurtenissen in (buitenlands) waterbeheer: de nood. Ook behandelen we een aantal goede voorbeelden om van de nood een de deugd te maken zoals: inzet van noodmaatregelen, omgaan met noodsituaties, maar ook een aantal concrete oplossingen komt aan bod. De locatie van de kennisdag is Burgers’ Zoo te Arnhem. Een officiële uitnodiging volgt eind januari. Reserveer 20 maart 2014 alvast in uw agenda! Vanaf heden kunt u zich HIER inschrijven voor de kennisdag 2014.

Resultaten Inventarisatie onder waterkeringbeheerders 2013

In de zomermaanden heeft een inventarisatie plaatsgevonden bij waterkeringbeheerders. PIW2.0 had hiertoe opdracht gegeven aan de combinatie Tauw/Movares. Binnen PIW2.0 was er de behoefte om een beeld te krijgen van de  stand van zaken van inspecties van waterkeringen door de waterkeringbeheerders (waterschappen en regionale dienstonderdelen van RWS). 

Wat was het doel van de inventarisatie?

  • Inzicht krijgen in de vorderingen van inspecties bij waterkeringbeheerders;
  • De aansluiting van PIW 2.0 op de stand van zaken en behoeften van de beheerders zo goed mogelijk te laten zijn;
  • Te zijner tijd een effectmeting van PIW 2.0 kunnen doen;
  • Draagvlak bij waterkeringbeheerders genereren voor PIW2.0;
  • Ervaringskennis van beheerders ophalen, en andersom kennis over instrumentarium over brengen;
  • Inventariseren van ‘wat er leeft’ bij waterkeringbeheerders.

 Wat zijn de bevindingen?

  • Waterschappen en RWS onderschrijven praktisch allemaal de doelen van PIW. Er is een breed draagvlak voor PIW, zeker op de werkvloer. Het draagvlak bij het management is wisselend;
  • De sense of urgency is laag. PIW wordt wel belangrijk gevonden, maar niet urgent;
  • Professionaliseren van de inspecties van waterkeringen is gericht op:
    • De eigen inspecties (waterschappen): hoe kunnen de eigen medewerkers hun inspecties professionaliseren;
    • Verbeteren van inspecties door opdrachtnemers: hoe moet de aansturing door RWS als opdrachtgever plaatsvinden.
    • Eerste aandachtspunten zijn uniformering en standaardisering. Er zijn nu (te) veel verschillen tussen de wijzen van aanpak, zowel tussen de organisaties onderling, als tussen de verschillende afdelingen binnen één beheerder, en soms zelfs tussen medewerkers onderling;
    • De lage urgentie die het verbeteren van de inspecties heeft, is voor een deel te verklaren door actuele organisatieontwikkelingen: fusies (waterschappen) en reorganisaties (RWS);
    • De pijlers van PIW, te weten continu toetsen, asset management en innovatie worden in brede kring onderkend als belangrijke thema’s. Organisaties zijn ermee bezig of staan op het punt een verbeterslag in te zetten.

 Wat zijn de aanbevelingen?

  • Het Inspectieproces meer onder de aandacht van de beheerders brengen;
  • Bevindingen van deze inventarisatie bespreken met de betreffende manager (aan de hand van de resultaten per waterkeringbeheerder);
  • PIW2.0 acties toespitsen op RWS (verbeteren uitbesteden) en Waterschappen (verbeteren van eigen inspecties) en onderling de ervaring verder uitwisselen;
  • Meer Maatwerk leveren (aansluitend op ontwikkelstadia waar organisaties zich in bevinden), en
  • Het Certificeren van inspecties/inspecteurs.

Hoe gaan we nu verder?
De inventarisatie wordt vervolgd met een tweede gesprek bij de beheerder, inclusief de verantwoordelijk manager. Hierbij staan de resultaten voor de betreffende organisatie, zoals vastgelegd in de betreffende Factsheet, centraal. Vanuit PIW2.0 wordt een facilitatie aangeboden (orde grootte 2 dagen) om te assisteren bij de invulling van die onderdelen van de inspectie, die de waterkeringbeheerder de meest relevante vindt.

Platform Waterkeringen

De in het vorige artikel besproken inventarisatie heeft onder meer opgeleverd dat er behoefte is aan een platform Waterkeringen. PIW 2.0 geeft hier in 2014 een eerste invulling aan. Beheerders worden uitgenodigd hieraan deel te nemen. 

Piet Stouten (beoogd trekker van dit platform), Ludolph Wentholt en Pieter van Berkum (namens STOWA en Rijkswaterstaat) brengen deze winter een bezoek aan een aantal beheerders om met hen hierover van gedachten te wisselen. Dit zal in lijn zijn met de resultaten die uit de inventarisatie onder de waterkeringbeheerders (zomer 2013) zijn gekomen. Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen.

Workshop Noodmaatregelen 30-1-2014

Op 30 januari 2014 organiseren STOWA, Rijkswaterstaat, Deltares en de TUDelft een workshop over de effectieve inzet van noodmaatregelen bij hoogwater. Veel waterkeringbeheerders beschikken over parate kennis en hulpmiddelen. STOWA en Rijkswaterstaat willen samen met u onderzoeken welke behoeftes er zijn om beter en effectiever te kunnen werken bij dreigend hoogwater.

De dagvoorzitter is Joost Buntsma, directeur STOWA.  De workshop vindt plaats in het Watermanagement Centrum Nederland, Zuiderwagenplein 2 te Lelystad. Uw aanmelding ontvangen wij graag voor 23 januari 2014  via  stowa@stowa.nl  o.v.v. uw naam en of u gebruik wilt maken van de lunch. Er is plaats voor maximaal 40 personen, meld u dus snel aan! U ontvangt een week voor aanvang de definitieve bevestiging.

Nieuwe website Inspectie waterkeringen

Er is een nieuwe website met informatie over het programma PIW2.0. De nieuwe website is te vinden op de gebruikelijke locatie http://www.inspectiewaterkeringen.nl/Neemt u gerust een kijkje!

Jaarprogramma PIW2.0 2013/2014

Het jaarprogramma is toegespitst op de twee pijlers van PIW2.0 (1 Continue toetsen en 2 Professioneel beheer en innovatie) en staat online!

Binnen pijler 1 Continue Toetsen wordt aankomend jaar aandacht gegeven aan een alternatief voor constructieve dijkversterkingen, namelijk beheermaatregelen en het raakvlak met inspecties. Daarnaast zal er een vervolg worden gegeven aan het inventarisatie onderzoek (zie vorig bericht) met onder andere een ronde langs de waterkeringbeheerders en de aanbieden van de mogelijkheid voor externe ondersteuning ten behoeve van het professionaliseren van het inspectieproces, maar ook worden de resultaten van het onderzoek urgentieregels voor grasbekledingen bekend, komt inspectie in relatie tot Niet Waterkerende Objecten (NWO’s) aan bod en gaan we verder met de certificering van inspecteurs.

Binnen Pijler 2 Professioneel beheer en innovatie, wordt een onderzoek gestart naar inspecties binnen Asset management bij de Environment Agency (UK), blijven we innovaties steunen en geven we een vervolg op de LEF sessie Markt en Inspecties van 26 juni 2013.

Onderzoek: Uitwerking Diagnostiek Grasbekledingen

Voor het signaleren en vastleggen van visueel waar te nemen schade aan waterkeringen is door STOWA en RWS een registratiemethode ontwikkeld die nu door veel waterkeringbeheerders wordt gebruikt. De basis van de methode wordt gevormd door Digigids, een schadecatalogus waarin beelden van schade aan waterkeringen zijn gecategoriseerd en geclassificeerd naar ernst of kwaliteit.

Het geven van betekenis aan gesignaleerde en vastgelegde schade aan waterkeringen is de volgende stap. In deze stap, de diagnostische fase, wordt de noodzaak of urgentie tot herstel van gesignaleerde schades bepaald. Afhankelijk van maatgevende belastingen, opbouw van de waterkeringen en waargenomen ernst van schades kunnen regels worden opgesteld voor het bepalen van de urgentie tot herstel van schade.

Het projectteam Uitwerking Diagnostiek Grasbekledingen (UDG) werkt aan ernst en urgentie uit in aanbevelingen voor herstel van schade aan dijken met grasbekledingen. De resultaten zullen worden vastgelegd in een rapport dat in maart van dit jaar in concept gereed moet zijn.

Rationeel Waterkeringbeheer

Om het waterkeringbeheer verder te professionaliseren kijken we in 2014 naar de mogelijkheden van rationeel waterkeringbeheer. Dit naar analogie van rationeel wegbeheer, dat reeds enkele decennia succesvol in Nederland toegepast wordt.

Het rationeel wegbeheer vindt zijn oorsprong in Amerika, waar destijds uit praktijkproeven de ontwikkelingen van kwaliteit en schades in de tijd werd opgesteld en vastgelegd in gedragsmodellen. Vervolgens zijn interventieniveaus vastgesteld: zakt de staat van het object onder het (vooraf gedefinieerde) functionele niveau, dan moet worden ingegrepen. Kosten- en prestatieniveau kunnen zo worden gekoppeld. Periodieke inspecties leveren hierbij een essentiële input.

In het project Rationeel Waterkeringbeheer wordt verkend of deze systematiek in de waterkeringszorg kan worden toegepast. Aandachtspunt hierbij zijn de mogelijkheden tot het opstellen van gedragsmodellen van de diverse dijkonderdelen, zoals grasbekleding en asfaltdijkbekledingen.

Redenen om Rationeel waterkeringbeheerte te starten liggen op het vlak van financiën en kwaliteit. In tijden van bezuinigingen is een degelijke onderbouwing van budgetaanvragen en meerjarenramingen voor beheer en onderhoud van waterkeringen van groot belang. Verder is de kwaliteit van de processen die ondersteuning geven aan toewijzing van middelen belangrijk. Anders gezegd, worden de goede dingen gedaan en worden de dingen goed gedaan. Ook is het van belang om aan te kunnen tonen dat zorgvuldig beheer wordt gevoerd.

Het motto van Rationeel waterkeringbeheer is in analogie met het (n)HWBP “verleiden en verrukken”. Door te starten en kleine stappen te zetten kunnen beheerders aansluiten. Een en ander ook naar analogie van het rationele wegbeheer, waar men begon met een groepje enthousiaste beheerders. Binnen de huidige setting en verhoudingen is het opleggen van standaarden niet voor de hand liggend. Er is, net als bij het rationele wegenbeheer, nog een lange weg te gaan.

Medewerkers van waterschappen Rivierenland en Scheldestromen hebben het initiatief voor Rationeel waterkeringbeheer genomen. In 2014 wordt, in afstemming met Het Waterschapshuis, dit project verder vormgegeven en worden de overige waterkeringbeheerders benaderd om zich aan te sluiten. Vooralsnog hebben Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en de waterschappen Rijn en IJssel en Groot Salland aangeven mee te willen doen.