Inspectie waterkeringen

Verslag Kennisdag 2014 - Middagprogramma

Kennisdag Inspectie Waterkringen 2014: Veel te leren van de hoogwaternood van anderen voor onze eigen hoogwaterveiligheid.

Van de nood een deugd maken. Dat was de titel van de elfde Kennisdag Inspectie Waterkeringen, op donderdag 20 maart 2014 in Arnhem. Centrale vraag tijdens deze dag: wat kunnen we leren van recente hoogwatercalamiteiten in het buitenland voor het op orde brengen van onze eigen waterkeringen? Ongeveer 225 vertegenwoordigers van waterschappen, provincie, Rijkswaterstaat en het bedrijfsleven wilden daar graag het antwoord op horen.

Na de lunch konden de deelnemers een keuze maken uit in totaal negen workshops/lezingen over uiteenlopende onderwerpen, zoals 'Dijken versterken met sensoren', 'De gereedschapskist van Defensie' en 'Ervaringen met de St. Nicolaasstorm en de rol van LCO'.

 

  

Patrik Peeters en Leen Vincke: Sigma Plan Vlaanderen
Patrik Peeters en Leen Vincke van het Waterbouwkundig Laboratorium Vlaanderen vertelden de aanwezige toehoorders meer over het zogenoemde Sigma Plan. Doel van dit plan is een betere hoogwaterbescherming van Vlaanderen tegen de Schelde en haar zijrivieren en daarnaast het terugbrengen van getijdennatuur. Het plan, dat in 2000 werd geactualiseerd, voorziet in het ontwikkelen van zogenoemde gecontroleerde overstromingsgebieden (GOG's) langs de Schelde - een soort Ruimte-voor-de-riviergebieden avant la lettre - in combinatie met dijkversterking en de bouw van een stormvloedkering. GOG's bestaan uit een overloopdijk en een ringdijk met daartussen een gebied dat bij hoogwater kan overstromen.


Meer recentelijk hebben de Vlamingen ook een nieuw concept bedacht, dat van gecontroleerde getijdengebieden, de GGG's. Hierbij zit er in de overloopdijk een inwaterings- en uitwateringssluis, zodat je in het gebied tussen overloopdijk en ringdijk getijdenwerking krijgt. Hierdoor onstaat in de gebieden tussen de dijken robuuste getijdennatuur. Het plan, dat ca. 600 miljoen euro kost, wordt over een periode van 25 gerealiseerd.

 

Frens Dijkman: Zorgplicht, de inspectie komt naar uw toe!
Frens Dijkman van de Inspectie Leefomgeving & Transport (ILT Rijkswaterstaat) vertelde de aanwezigen meer over de toetsing op de zogenoemde zorgplicht die beheerders van primaire waterkeringen hebben. De ILT is vanaf 1 januari 2014 verantwoordelijk voor de toetsing. De ILT heeft inmiddels een toetsingskader opgesteld met daarin de criteria waaraan de beheerders van primaire waterkeringen moeten voldoen om te voldoen aan de zorgplicht. Ook de scope van de zorgplicht wordt daarin beschreven, aldus Dijkman. Het betreft het beheer en onderhoud, vergunningverlening & handhaving, calamiteitenzorg en de bediening van waterkerende kunstwerken.

De ILT beschouwt 2014 als een proefjaar, aldus Dijkman. Bij 12 waterkeringbeheerders worden pilots uitgevoerd. Naar aanleiding van deze pilots wordt samen met de waterkeringbeheerders gekeken of het toetsingskader werkt. Dijkman benadrukte dat het bij de pilots vooral gaat om het beproeven van het kader: 'Kunnen we tot een oordeel komen en welke acties moeten we uitvoeren om de zorgplicht beter handen en voeten te geven?' Belangrijk voor de ILT is volgens Dijkman de borging van de kwaliteit van de zorgplicht door de primaire-waterkeringbeheerders.

   

Hans Knotter: Dijkleger. Deskundige leken
Hans Knotter ging aan het einde van de dag in zijn inleiding dieper in op de wijze waarop Waterschap Rivierenland zijn dijkleger heeft georganiseerd. Er is veel aandacht voor opleiding & training. Iedereen in het dijkleger moet verplicht deelnemen aan de scholingsactiviteiten. De reden: 'Wij willen goedgetrainde en geoefende mensen op onze dijken.' Het dijkleger van Rivierenland werkt volgens vastomlijnde procedures en werkwijzen, aldus Knotter. Dat geeft veel houvast, maar het kan mogelijk tot stroperigheid leiden. Tijdens oefeningen wordt daarom voortdurend gekeken op welke manier deze procedures te verbeteren zijn.

Een belangrijke vraag was hoe je de informatievoorziening in het dijkleger moet organiseren. Mobiel werken heeft de toekomst, maar moet je zaken toch niet analoog waarborgen, zodat je daarop terug kunt vallen als netwerken uitvallen, vroeg Knotter zich af? Of moet je je toevlucht nemen tot satelliettelefoons? Op dit moment wordt gewerkt aan mobiele applicaties die ook offline zijn te gebruiken, merkte een aanwezige uit de zaal naar aanleiding hiervan op.

Een ander belangrijk punt was de leeftijd van personen in het dijkleger. Moet je een maximum leeftijd gaan toepassen, met het oog op de (afnemende) fysieke gesteldheid van ouderen? Hierover waren de meningen verdeeld. Ouderen hebben soms niet meer de fysieke capaciteiten van jongeren, maar wel meer tijd en meer ervaring. Een vertegenwoordiger van Waterschap Peel en Maasvallei vertelde in verband hiermee dat zij voor mensen boven de 70 een soort dijkleger-APK hebben ingevoerd.

 

Rob van Putten (Waternet): Dijken versterken met sensoren.

Rob van Putten geeft inzicht in zijn onderzoek naar dijksterkte aan de hand van monitoring.

 

Majoor Kees Nieuwendijk (Ministerie van Defensie): De gereedschapskist van Defensie.

Defensie heeft in calamiteitensituaties de beschikking over moderne hulpmiddelen voor inspectie. Er is meer te bieden dan zandzakken.

 

Bart Vonk (LCO): Rol van LCO.

Bart Vonk blikt terug op de rol die de LCO had tijdens de storm die in de nacht van 5 op 6 december 2013 over Noord Nederland raasde.